Blog

Zo maak je de mooiste vakantiefoto's: 7 tips

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Gitte Hessels
Gitte
Hessels

Ieder jaar kom jij tijdens het importeren van je vakantiefoto's opnieuw tot de conclusie dat ze niet zo mooi zijn als dat je stiekem hoopte. Ze zijn bewogen, onscherp of overbelicht. En de zee lijkt haast van je beeldscherm af te stromen, zó schuin fotografeerde je die horizon. Zonde! Maar geen nood: met deze tips lukken jouw vakantiefoto's dit jaar wél. 

Tip 1: Oog voor detail

Tijdens vakanties maak je behoorlijk wat overzichtsfoto’s van uitgestrekte landschappen en grote gebouwen. Die foto’s zijn vaak prachtig, maar zoom ook eens in op details. Neem de tijd, kijk goed om je heen en zoek naar kleurtjes, patroontjes en bijzonderheden. De dingen die je pas ziet als je wat langer kijkt zijn vaak juist het mooist. Bovendien wordt het uiteindelijke geheel van je vakantiefoto's interessanter als je overzichtsfoto's af kunt wisselen met wat close-ups. Experimenteer hierbij met het diafragma op je camera. 

Tip 2: Belichting

Fel zonlicht zorgt voor donkere schaduwen. Daardoor vallen sommige details op je foto weg. Bovendien zorgt een felle zon - die rond het middaguur schijnt - ervoor dat al jouw foto's op dezelfde manier belicht lijken te zijn. Saai! Probeer daarom vooral aan het begin (vóór 10 uur) óf einde (na 17 uur) van de dag te fotograferen. Dan is de zon minder fel en het licht wat zachter. Het mooiste licht heb je overigens rond zonsopkomst en zonsondergang. Fotografen noemen deze tijdstippen gouden uurtjes. Er bestaan zelfs sites waarop je kunt checken wanneer licht het mooist is op jouw vakantiebestemming.

Tip 3: RAW-formaat

De meeste (spiegelreflex- en systeem)camera’s hebben de optie om foto’s als JPG en als RAW op te slaan. Bijna altijd wordt een foto als JPG opgeslagen. Als je van plan bent je foto’s nog te bewerken met een professioneel programma is het handiger te fotograferen in RAW. Want: een RAW-foto slaat ‘ruwe’ data op, en daarmee dus ook veel meer informatie. Dat maakt het eenvoudiger foutjes recht te zetten, zonder dat de kwaliteit van je foto er minder op wordt. Nadeel: RAW-bestanden zijn een stuk groter. Hierdoor is je geheugenkaartje sneller vol. 

Tip 4: Stil 

Bewogen foto's zijn nooit mooi. Tenzij ze bewogen bedoeld zijn, maar dat is zelden het geval. Zorg daarom dat je jouw camera zo stil mogelijk houdt als je fotografeert. Gebruik altijd twee handen, ga met je voeten uit elkaar staan en houd de camera zo dicht mogelijk bij je gezicht. Of kies ervoor een mini-statiefje mee te nemen. En: experimenteer eens met de sluitertijd. 

Tip 5: Flitser

Een flits maakt een foto niet altijd mooier. Op flitsfoto's vallen gezichten vaak wit uit, valt de achtergrond weg en worden ogen rood. Jij gebruikt daarom alleen je flits als het niet anders kan; als het pikdonker is. Toch kan een flits ook overdag handig zijn. Bijvoorbeeld als je tegen de zon in wilt fotograferen. Of als de zon zorgt voor veel schaduw op iemands gezicht. Experimenteer in vergelijkbare vervelende zonsituaties eens met die flits! 

Tip 6: Compositie

Vaak plaats je dat wat je wilt fotograferen het midden van het beeld. Maar een foto waarop het onderwerp wat meer links of rechts in beeld staat is nét iets interessanter om naar te kijken. Pas de Regel van Derden eens toe. Da’s een compositieregel die veel fotografen gebruiken. De regel verdeelt het beeld in negen even grote vlakken. Door het onderwerp van je foto op de snijpunten van die vlakken te plaatsen, creëer je een foto die helemaal in balans is. Op je camera kan je deze lijntjes vaak gewoon instellen. 

Tip 7: Origineel standpunt

Soms is het moeilijk een vakantiefoto te schieten die niét al miljoenen keren is gemaakt. Door op je buik te gaan liggen, op de grond te gaan zitten of juist veel hoger te gaan staan verander je van standpunt. Dit noemen ze in de fotografiewereld het kikker- en vogelperspectief. Omdat je juist heel laag bij de grond, of er juist verder vanaf staat. Dat maakt je foto een stuk origineler en interessanter. 

Gitte (20) is dol op de geur van papieren kranten. Haar droom: er zelf ook voor één schrijven. En haar stukken illustreren. Volgend jaar hoopt ze haar diploma Journalistiek te behalen en die droom waar te maken. Mocht dat niet lukken, dan is ze vastberaden haar eigen ontbijtrestaurantje te beginnen. Met een zelfverzonnen menu van roereitjes met ketchup, kommetjes met fruit, yoghurt en muesli en wentelteefjes. Laten dat nu net haar drie favoriete ontbijtjes zijn.  Meer blogs van Gitte lees je hier.

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren