Nobelprijs voor gifgasopruimers

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Cora
van der Weij

Over de Nobelprijs voor de Vrede van dit jaar hangt een Nederlandse gloed. Het hoofdkantoor van winnaar OPCW staat in Den Haag. De toekenning komt op het moment dat de internationale organisatie net begonnen is aan de moeilijkste anti-gifgasoperatie ooit. Het opruimen van de grote voorraad chemische wapens in Syrië, waar het volop oorlog is. Vier vragen en antwoorden.

Wat is de OPCW?
De Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens. Die bestaat sinds 1997. Uiteindelijke doel: een veiligere wereld. Belangrijkste taak: zorgen dat het Verdrag tegen Chemische Wapens wordt uitgevoerd. Dat sloten Rusland en de VS een paar jaar eerder. Zij spraken af om nooit meer chemische wapens te gebruiken in een oorlog want dat gruwelijke spul maakt veel slachtoffers die zich er niet tegen kunnen verdedigen. Steeds meer landen sloten zich aan. Op dit moment zijn bijna alle landen, 190, lid. Syrië trad maandag officieel toe, nadat de VS dreigde met een aanval.

De leden beloven korte metten te maken met de gifwapens die ze hebben en ze ook nooit meer te produceren. Zij geven een lijst aan de OPCW met soorten, hoeveelheden, opslagplekken… De OPCW helpt bij de vernietiging en houdt inspecties in chemische fabrieken. Het hoofdkantoor staat in Den Haag. De OPCW heeft zo’n vijfhonderd mensen in dienst. De Turkse diplomaat Ahmet Ümzüncü is directeur.

Waarom krijgen de gifgasopruimers de Vredesprijs?
Dat lichtte de voorzitter van het Nobelcomité, de Noor Thorbjørn Jagland, vorige week vrijdag klokslag 11 uur zo toe: ‘De OPCW krijgt de Nobelprijs voor de Vrede vanwege hun uitgebreide werk om een eind te maken aan het gebruik van chemische wapens in de wereld.’ Jagland zei het jammer te vinden dat er nog altijd landen zijn als Egypte en Noord-Korea die geen lid zijn van de OPCW. Hij hoopt dat de toekenning ook een aansporing zal zijn voor die landen om het verdrag nu wel te tekenen. En een aansporing voor landen die wel tekenden, om ook hun laatste resten chemisch gas nu ook echt op te ruimen. Jagland zei dat het comité het dit jaar makkelijk eens kon worden over wie van de 259 kandidaten de juiste winnaar was.

Door de prijs aan de OPCW te geven, blijft het Nobelcomité dicht bij de wens van de bedenker van de prijs. Eén van de belangrijkste doelen die Alfred Nobel in zijn testament noemde was: wapenreductie. De prijs, een miljoen euro, wordt op 10 december in Oslo aan de OPCW overhandigd.

Hoe waren de reacties op de toekenning?
Tot voor kort was de OPCW vrij onbekend. De laatste tijd kwamen de gifruimers meer in het nieuws door hun werk in Syrië. De beelden van mannen in pakken die in Damascus bewijsmateriaal verzamelden van een dodelijke gifgasaanval (door vrijwel zeker het leger van Assad) gingen de wereld rond. Toch kwam het Nobelnieuws als een verrassing. Ook voor de OPCW zelf. Op het moment suprême kon het comité niemand bereiken. Het twitterde naar @OPCW om contact op te nemen. Directeur Ümzüncü zei later in een reactie blij verrast te zijn. ‘Dit is een erkenning voor onze inzet voor de vrede in de wereld. En voor de inspanningen van onze medewerkers die nu in Syrië zijn.’ De felicitaties stroomden binnen.

Maar er kwam ook kritiek. Van journalisten die veel berichten over en vanuit Syrië bijvoorbeeld. Zij vinden dat het vernietigen van chemische wapens niet veel helpt omdat in Syrië de meeste doden vallen door conventionele wapens: 130.000. Gifgassen hebben het leven gekost aan ongeveer driehonderd mensen. Het Nobelcomité reageerde op de discussie met de tweet dat de OPCW de prijs krijgt voor jarenlang werk tegen chemische wapens wereldwijd. Dus niet alleen in Syrië. Ook Assad reageerde. Die zei maandag tegen een Libanese krant dat hij zelf de prijs had moeten winnen omdat hij meewerkt aan het vernietigen van de gifgassen. Daar had hij geen spijt van, zei hij, want ‘het arsenaal van ons leger is afschrikwekkend genoeg’.

Hoe gaat het nu met de operatie in Syrië?
Volgend jaar zomer moet de complete Syrische gifgasvoorraad weg zijn. Een gigantische, gevaarlijke en nooit eerder uitgevoerde opdracht voor de wapenexperts. Het gaat om ongeveer duizend ton gas. Veel van de opslagplaatsen en chemische fabrieken liggen in gebieden waar gevochten wordt. Tientallen OPCW-mensen zijn nu in Damascus om vast een begin te maken. Ze hebben al met slijptollen en vlammenwerpers materiaal voor het maken van bommen en het mixen van chemicaliën vernietigd.

Het opruimen van de gifgassen zelf is een lastiger klus. Dat moet worden verbrand of in beton gestort. Het begin is veelbelovend, zei de OPCW vorige week. Tot nu toe werken de Syrische autoriteiten goed mee. De komende tijd zal het team groeien naar honderd man. Er komt een hoofdkwartier op Cyprus. Deze week werd bekend dat de hele operatie geleid zal worden door een Nederlander, de ervaren VN-medewerker Sigrid Kaag.

In cijfers
De OPCW heeft in vijftien jaar meer dan 5.286 inspecties uitgevoerd in 86 landen. Alle chemische wapens die zijn aangegeven zijn in kaart gebracht en gecontroleerd. Daarvan is 81% (57.740 ton) vernietigd. Bron: opcw.org

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren