Schoolnieuws

Waarom anti-pestlessen niet werken

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Malou
van Zwieten

De anti-pestprogramma's die op de markt zijn, werden vorig jaar bijna allemaal afgekeurd door het Ministerie van Onderwijs. Toch worden ze op veel scholen nog steeds gebruikt. Wat is er mis of juist goed aan de programma's? We bespraken vijf methodes met socioloog en pestprofessor René Veenstra.

1. Challenge Day (afgewezen)
Razend populair en heel bekend dankzij het programma Over de streep: Challenge Day. Een nogal Amerikaans concept waarbij zo'n honderd leerlingen en hun docenten worden verzameld in een aula of gymzaal om spelletjes te doen. Als de sfeer luchtig genoeg is, praten ze steeds serieuzer over zichzelf. Leerlingen en docenten moeten onder meer het volgende zinnetje afmaken: 'Als je mij echt zou kennen, zou je weten...' 

De dag eindigt met de bekende streep. De coach geeft bijvoorbeeld alle leerlingen die ooit te maken hebben gehad met huiselijk geweld, de opdracht om naar de andere kant van de ruimte te lopen en hun medeleerlingen aan de overkant aan te kijken. Zo leren de klasgenoten elkaar op een heel andere manier kennen.

Hoe populair ook, het ministerie wees Challenge Day af als pestprogramma. Het zou niet voldoende 'theoretisch en empirisch onderbouwd' zijn. Veenstra: 'Dat betekent dat nog nooit is onderzocht of het programma wel effect heeft. Ook ik betwijfel dat. Zo'n dag is interessant, maar heel kortstondig. Het is niet waarschijnlijk dat het programma op de lange termijn iets verandert op school. Het zou misschien wel goed werken als kick-off voor een breder programma.'

2. Zeven lessen in geluk (afgewezen)
'Er zijn heel veel goedbedoelde programma's op de markt, die ontwikkeld zijn door betrokken mensen, maar waarvan niet kan worden bewezen of verantwoord dat ze werken,' vertelt Veenstra. 'Ik denk dat dit er één van is.' Zeven lessen in geluk is een methode die zich expres alleen richt op belonen en het aanleren van geluk. Als er een prettige sfeer is op school, wordt er ook minder gepest, is de gedachte. 

'Ik word daar een beetje moe van,' zegt Veenstra. 'Vrijwel alle anti-pestmethodes hebben een positieve insteek.' En zeven lessen, dat kan sowieso niet goed werken, vermoedt hij: 'Een anti-pestmethode moet iets zijn waar de school als geheel mee bezig is, alle dagen. Die zeven lesjes uit een boekje zijn leerlingen de volgende dag alweer vergeten.'

3. M5 pest-aanpak (afgewezen)
Een meldpunt voor pestgedrag: dat is waar de M5-methode om draait. Komt een leerling in aanraking met pesterijen, dan kan hij dat anoniem op een website aangeven. De leerkracht houdt de site in de gaten. Wordt een bepaalde pester vaak genoemd, dan wordt die publiekelijk, dus waar de klas bij is, aangesproken op het gedrag. Herhalen de pesterijen zich? Dan wordt hij de klas uit gehaald en krijgt hij straf.

'Zo'n kind wordt dus aan de schandpaal genageld en strafbaar gesteld,' zegt Veenstra. 'Terwijl het helemaal niet gaat om schuld. Als een klas toestaat dat er gepest wordt, is iedereen verantwoordelijk.' De M5-methode is nou precies zo'n programma dat het pesten kan verergeren, vindt de professor. 'Je maakt nieuwe slachtoffers. Zo'n pester bedoelt het niet altijd verkeerd. Door hem te straffen bereik je niets. Misschien gaat hij de slachtoffers juist wel erger pesten. Of wordt hij zelf een buitenbeentje. En je weet helemaal niet of zo'n anonieme melding wel te vertrouwen is.'

4. Pestkoppen stoppen (voorlopig afgewezen)
In opdracht van het ministerie ontwikkelt de Open Universiteit een programma speciaal gericht op online pesten. 'Dat is tegenwoordig een heel belangrijk onderdeel van pestgedrag,' zegt Veenstra. Hij kent de methode niet, maar is er wel benieuwd naar. 'Dit programma is nog niet definitief afgekeurd en zou een opmaat kunnen zijn naar een echt goede anti-pestmethode,' denkt hij.

Maar ook deze methode, die volledig online en dus zonder docenten werkt, zou volgens de professor moeten worden ingebed in een schoolbreed programma. 'Het gaat om veel meer. De mentor zou een grote rol moeten spelen. Contactmomenten zijn heel belangrijk. Anders wordt de middelbare school een grote fabriek waarin de docenten leerlingen amper kennen. En bedenk ook dat online pesten bijna altijd samengaat met offline pesten.'

5. Kanjertraining (voorlopig goedgekeurd)
Een van de weinige goedgekeurde methodes ken je misschien nog wel van de basisschool: de Kanjertraining. Door middel van rollenspelen en met petten leren de leerlingen hoe ze een vertrouwelijke sfeer in de klas kunnen creëren: hoe ze allemaal 'kanjers' kunnen worden. De methode is er nu ook voor het voortgezet onderwijs. 'Maar jongeren lachen je uit als je met petjes aankomt', aldus Veenstra.

'De middelbare school is iets heel anders dan een basisschool, dus je kunt nooit zomaar een methode vertalen. Dat werkt niet,' denkt hij. 'Je moet trouwens sowieso van goeden huize komen om iets te ontwikkelen dat werkt op een middelbare school. Dat is ontzettend moeilijk.' Zelf zou hij de uitdaging wel aan willen gaan. 'Maar dan wel met goede onderzoekers vanuit de hele wereld, en in samenwerking met ervaren docenten en leerlingen.'

Op de hoogte blijven van al het onderwijsnieuws? Hier vind je ons overzicht van al het schoolnieuws op onze site.

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren