Blog

Maak poëzie alsjeblieft weer leuk

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Annemijn Groenveld
Annemijn
Groeneveld

Het is woensdag het zevende uur. Moe na een blokuur rugby bij gym - mijn persoonlijke hel - kom ik het lokaal van Nederlands binnen. Eén blik op het bord en ik heb meteen de neiging om om te draaien. We gaan het over poëzie hebben...

Poëzie lezen vind ik prima prima, dat is het niet. Het is de manier waarop we er bij Nederlands mee omgaan die me tegenstaat. Neem bijvoorbeeld deze strofe van het gedicht met de geruststellende titel Poëzie is kinderspel van Lucebert.

Over het krakende ei
dwaalt een hemelse bode
op zoek naar zijn antipode
en dat zijt gij

Een onbegrijpelijk, maar mooi gedicht. Volgens mijn docent is het echter méér dan dat. Het krakende ei in de eerste regel zou namelijk een geboorte symboliseren, wat dan weer staat voor het ontstaan van een gedicht. De ‘hemels bode’ is de dichter die opzoek is naar zijn tegenpool (zijn antipode) en die tegenpool zou dan de lezer zijn (dat zijt gij). Opeens lijkt dat blokuur rugby zo erg nog niet.

Diepere betekenis 

Er wordt wel gezegd dat jongeren nooit meer poëzie lezen en alleen op hun scherm kijken. Tja, dat gaat ook niet veranderen zolang we op deze manier met gedichten omgaan. Soms denk ik dat we méér in gedichten proberen te vinden dan er werkelijk in zit. Had Lucebert echt een diepere betekenis in gedachten toen hij ‘antipode’ opschreef, of vond hij het slechts mooi klinken in combinatie met ‘bode’? Beste neerlandici, maak poëzie weer leuk en stop met overanalyseren!

Persoonlijke interpretaties

Hoe mijn ideale poëzieles er dan uitziet? Ga met de klas in gesprek: wat vind je mooi, wat niet en waarom? En ik snap best dat die stijlfiguren er nou eenmaal bij horen om een gedicht in zijn context te kunnen plaatsen, dus vooruit, die mogen er ook bij. Maar laat leerlingen hun persoonlijke interpretaties geven. 

Om het af te leren, is hier mijn lievelingsgedicht: In je hoofd kun je alles van Theo Olthuis.

In je hoofd
kun je alles.
Fietsen naar de maan,
boven op de wolken staan.
Strelen met je handen los,
lopen door een donker bos.
Vechten als een tijger,
dansen met een elf.
Afscheid nemen
zonder tranen,
alles gaat vanzelf.

Het klinkt niet zo hoogdravend als het gedicht van Lucebert en de meeste literatuurliefhebbers zullen dit waarschijnlijk afdoen als kinderpoëzie. Maar het feit dat het begrijpelijk is en rijmt, maakt het toch niet minderwaardig? Bovendien: ík vind het mooi. Kan het zijn dat ik nog niet volwassen genoeg ben om 'echte' poëzie te snappen? Misschien kan ik later als ik groot ben moeitloos ingewikkelde gedichten doorgronden, maar voor nu ga ik dan toch nog liever rugbyen...

Annemijn is 15 jaar en zit op het Murmellius Gymnasium in Alkmaar. Naast (natuurlijk) blogs schrijven, besteedt ze haar vrije tijd aan hockeyen, fotograferen en lezen. Ook heeft ze een leasepony waar ze zo vaak mogelijk naartoe gaat. Al haar hele leven is ze bezig met schrijven, vroeger gewoon voor de lol en nu voor de schoolkrant.

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren

Gerelateerde Berichten

Geen inhoud gevonden