Autisme: 'Ik heb een heel rare mindset'

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Bouwien
Jansen

Facebook, Twitter en Snapchat hebben er sinds zaterdag een klein broertje bij: AutThere. Een sociaal medium voor jongeren met autisme. Mees (14) uit Baarn dacht erover mee. ‘Veel mensen met autisme hebben geen flauw idee hoe je een onbekende aanspreekt.’ 

‘Wat er gebeurt als je doorklikt, hoe het menu eruit ziet, welk design het beste werkt…’, somt Mees op. Over bijna alle onderdelen van de nieuwe app heeft hij de afgelopen tijd meegedacht. Samen met andere autistische jongeren. ‘Soms waren de makers echt verrast over onze ideeën’, zegt hij. ‘‘Oh ja, daar hadden we nog niet aan gedacht!" riepen ze dan.’ Zaterdag begon de Autismeweek. Sindsdien kan iedereen AutThere downloaden. ‘Je kunt er makkelijk andere jongeren met autisme ontmoeten’, legt Mees uit. Ook staan er tips in. En leuke evenementen.

Of hij de app zelf veel gaat gebruiken, weet Mees eigenlijk niet. ‘Ik heb al een paar vrienden’, zegt hij. ‘En dat is genoeg. Ik houd gewoon niet zo van praten met anderen. Ik kán het wel hoor, zoals nu, maar ik word er altijd heel nerveus van. Het liefst ben ik alleen op mijn kamer. Ik houd van gamen. En van bezig zijn in de natuur. Maar dat laatste kan ik alleen als ik een reden heb om naar buiten te gaan. Bijvoorbeeld de hond uitlaten. Of scouting. Of vliegen met mijn drone. Het is allemaal onderdeel van mijn mindset. Die is heel raar. Ik ben stroef. Ik kom niet snel in beweging.’ 

Winterslaap 
Op de basisschool leek alles nog doodgewoon in het hoofd van Mees. Hij sjeesde erdoorheen en keek uit naar de middelbare school. Maar na een paar maanden brugklas werd hij ziek. ‘Pfeiffer’, vertelt hij. ‘En een virusinfectie. Ik sliep ongeveer 22 uur per dag.’ Raar, vonden zijn ouders. Ze kregen hem amper nog wakker. Opnieuw gingen ze naar de huisarts. Die zei dat het leek alsof Mees in een soort winterslaap beland was. Met een heel strak slaap-waak-ritme kroop hij daaruit. Maar in de zomer ging het weer de verkeerde kant op. ‘Toen ben ik getest’, zegt Mees.

Hij bleek het syndroom van Asperger te hebben, een vorm van autisme. Door veel te veel prikkels was hij uitgeput geraakt. ‘Eindelijk hoef ik me niet meer socialer voor te doen dan ik ben’, verzuchtte hij toen tegen zijn moeder. ‘Ik probeerde als kind al vrienden te vermijden’, vertelt hij achteraf. ‘Ik verzon smoesjes. Dat ik naar de tandarts moest of zo.’ Of hij schrok van de diagnose? ‘Nee’, zegt hij. ‘Mijn vader wel. Die vindt het erg moeilijk. Maar ik heb er totaal geen last van. Zoals ik al zei: ik heb een rare mindset.’

Prikkels 
Er bestaan veel vormen van autisme en iedereen heeft weer van andere dingen last. Bij Mees is het grootste probleem overprikkeling. ‘Terwijl ik hier zit te praten,’ legt hij uit, ‘merk ik dat er buiten mensen voorbijlopen. En die bomen. Daar waait de wind steeds doorheen. Als ik naar school fiets, heb ik last van alle auto’s die er rijden. Dan zie ik op het plein honderd mensen staan. Voordat de kluisjes bereikt heb, passeer ik nog zo’n vijfhonderd personen. Nou, dan snap je het wel. Ik kan maximaal twee uur per dag naar school. Het is een marteling. Leren doe ik eigenlijk niet. Ik zit daar maar…’

Nieuwe start 
Daar komt hopelijk snel verandering in. ‘Ik ga binnenkort naar een nieuwe school’, zegt Mees. ‘Met maar vier leerlingen en vier leraren. Dat is wel wat anders dan de 1530 scholieren waar ik nu mee zit. Ik hoop heel erg dat ik daar wat kan leren. Ik kan er geen standaard havo doen, maar bijvoorbeeld wel mijn staatsexamen halen in bepaalde vakken. Ik wil graag biologie en scheikunde gaan doen. Dat lijkt me heel leuk.’

Mees vindt het belangrijk dat de Autismeweek  plaatsvindt. ‘Het is goed als meer mensen weten dat het bestaat’, zegt hij. Maar er zit ook een gevaar aan, vindt hij: ‘Dat mensen je zielig gaan vinden. Of dat ze denken dat álle autisten last van prikkels hebben. En dat ze állemaal niet sociaal zijn. Heb alsjeblieft niet zoveel vooroordelen. Iedereen met autisme is anders.’ 

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren