laaggeletterde jongeren

Taboe laaggeletterdheid moet eraf, vindt Jari (16)

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Judie Jaspers
Judie
Jaspers

De krant lezen of een appje versturen. Daar draai jij je hand misschien niet voor om, maar dat geldt niet voor iedereen. Nederland telt 2,5 miljoen ‘laaggeletterden’ van 16 jaar of ouder. Ook de moeder van Jari (16) had tot een paar jaar terug veel moeite met lezen en schrijven.

Jari’s moeder kwam er pas als volwassene achter dat ze laaggeletterd was. Door verhuizingen wisselde ze als kind vaak van school. Ze had wel de diagnose dyslexie gekregen, maar hoe ouder ze werd, hoe meer ze merkte dat er ook iets anders speelde. Jari: ‘Toen mijn broer en ik klein waren, las mijn moeder ons voor uit simpele boekjes met weinig tekst, zoals Dikkie Dik. En later, als ik problemen had met mijn huiswerk, ging ik naar mijn vader. Mijn moeder kon me wel tips geven, maar meer niet. Ik wist wel dat ze dyslectisch was, maar ik dacht: het is niet zo erg.’

Stress

Toch kreeg ook Jari op een gegeven moment ook door dat er meer aan de hand was. ‘Mijn moeder twijfelde constant of ze dingen wel goed had geschreven. Bij haar appjes dacht ik vaak: het is toch niet zo erg dat er geen leestekens in staan? Maar ook e-mails moesten wij steeds nakijken. En dan nog bleef ze twijfelen.’ Toen Jari een jaar of twaalf was besefte zijn moeder pas echt dat er iets niet klopte. Ze kreeg angst om nieuwe dingen te ondernemen, durfde geen appjes en mailtjes meer te beantwoorden. Met als gevolg: stress en hyperventilatie. Toen ze zich wilde opgeven voor een zorgopleiding, lukte het haar niet goed om het inschrijfformulier in te vullen. Ze vond dat het zo niet langer kon. ‘Ze besloot op Nederlandse les te gaan, elke donderdagavond in de bibliotheek.’ Eindelijk dacht Jari’s moeder: nu ga ik het gewoon snappen. ‘Ze wist daarvoor niet eens wat klinkers en medeklinkers waren. Want dat had ze gewoon nooit geleerd op school. Ze is nog steeds dyslectisch, maar ze kan er beter mee omgaan.’

Trots

‘Ik ben heel trots op mijn moeder dat ze die stap heeft gezet. Ze is nu zelfs taalambassadeur voor de Stichting Lezen en Schrijven en helpt andere mensen om een beetje sterker in hun taal te worden. Ik merk dat ze minder onzeker is. Ze vraagt niet meer zo vaak hoe het moet, ze doet het gewoon automatisch. En dan zie ik dat ze trots is. Zo van: dat heb ik effe zelf gedaan.’

Eén op de negen ouders met schoolgaande kinderen is laaggeletterd. Je hebt dan heel veel moeite met lezen en schrijven. Dat is iets anders dan analfabetisme, waarbij iemand helemaal niet kan lezen en schrijven. Kinderen van laaggeletterde ouders hebben drie keer zoveel kans om dat zelf ook te worden. En dat zorgt voor problemen later, bijvoorbeeld bij het vinden van werk. Tijd voor actie, vindt de Stichting Lezen en Schrijven. Die riep de Week van de Alfabetisering in het leven om meer aandacht voor het onderwerp te krijgen en het taboe te doorbreken. Want voor laaggeletterden is het nog altijd geen leuk onderwerp om over te praten.

 

Anderen lazen ook: 'Jongeren lezen te weinig en dat heeft grote gevolgen'.

Altijd op de hoogte blijven van nieuws dat voor jongeren interessant is? Volg ons via WhatsApp, Snapchat, Facebook of Instagram. Of neem een proefabonnement op de krant!

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren

Gerelateerde Berichten