7 dingen die je nog niet wist over sneeuw

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Nathalie
Strijker

Of je nu van winters weer houdt of niet, komende dagen is er geen ontkomen aan. Het sneeuwt! Wat weet je eigenlijk over die dwarrelende witte vlokken? We hebben wat sneeuwfeitjes op een rijtje gezet. ‘Snowhow’ dus, waarmee je de sneeuwexpert kunt uithangen!

1. Sneeuw is niet wit

Eigenlijk heeft sneeuw geen kleur. Net als ijs, is sneeuw transparant. Maar de kristallen in sneeuwvlokken werken als prisma’s die het licht opbreken in veel verschillende kleuren. Die kleuren botsen tussen de sneeuwvlokken, weerspiegelen en absorberen het licht en het resultaat is dat we wit zien.

2. Te veel sneeuw kan je letterlijk gek maken

Pibloktoq is een vorm van hysterie die voorkomt bij mensen die rond de Noordpool leven. Mensen die dus een overdosis sneeuw te verwerken krijgen. Symptomen zijn onder meer echolalia, het zinloos herhalen van woorden, en naakt door de sneeuw lopen. Mensen die bang zijn voor sneeuw bestaan ook. Die lijden aan Chionophobia.

3. Inuit hebben niet honderden woorden voor 'sneeuw' 

Volgens taalkundigen hebben de Inuit (eskimo's) vooral heel veel verschillende dialecten en heel veel manieren om een woord uit te spreken. Daardoor lijkt het alsof er ontelbare woorden voor 'sneeuw' bestaan. Maar het is gewoon steeds hetzelfde woord, op een andere manier.

4. Zwarte en rode sneeuw bestaat echt

Af en toe valt er zwarte, maar ook rode of gele sneeuw. Dat komt dan meestal door stofjes in de in de lucht rond zwerven: pollen, stof, as of roet. De zogenaamde 'watermeloensneeuw', roodachtige sneeuw die naar verse watermeloen ruikt, krijgt zijn kleur door een soort algen die in ijs groeien. De sneeuw komt onder andere voor in Schotland en Groenland. De sneeuw smaakt lekker, maar je krijgt er geheid diarree van.

5. Een sneeuwvlok bestaat uit 180 miljard watermoleculen

Amerikaanse wetenschappers hebben sneeuwvlokken uit elkaar gepeuterd om te kijken hoeveel water dus écht in een sneeuwvlokje zit. 180 miljard watermoleculen dus. Reken voor de grap eens uit hoeveel dat er in één sneeuwbal zijn…

6. Alle sneeuwvlokken hebben zes kanten

Ze zien er allemaal anders uit, maar dit hebben ze allemaal gemeen. Het maakt niet uit welke vorm ze precies hebben, sneeuwvlokken hebben dus sowieso zes kanten! Die knutselwerkjes die je vroeger maakte op de basisschool waren dus eigenlijk behoorlijk realistisch.

7. Een sneeuwvlok valt met vijf kilometer per uur

Echte snelheidsduivels zijn die sneeuwvlokken dus niet met hun gedwarrel. Ter vergelijking, een beetje regendruppel kan snelheden halen van 36 kilometer per uur.

Anderen lazen ook: IJsballen zorgen voor ruzie en ongelukken.

Altijd op de hoogte blijven van nieuws dat voor jongeren interessant is? Volg ons via WhatsApp, Snapchat, Facebook of Instagram. Of neem een proefabonnement op de krant!

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren