Frank Moerland

Franks (18) hobby is niet echt standaard

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Valerie
Valerie
van Vliet

Een toevallig bezoekje aan een molen veertien jaar geleden wakkerde bij Frank uit Hellevoetsluis het molenaarsvirus aan. En dat is nooit meer overgegaan. Sinds vorige maand is hij officieel molenaar. En daar moeten er snel meer bij, vindt hij. ‘Het zou doodzonde zijn als de molen uit Nederland verdwijnt.’

Maar wat doet een molenaar precies? ‘Eigenlijk ben je een halve weerman. Eerst kijk je waar de wind vandaan komt en hoe hard die gaat. Dan draai je de kap van de molen - die zit los - zodat-ie in de wind staat en kijk je hoeveel zeilen erop moeten. Bij weinig wind draai je met vier zeilen op de wieken. Bij harde wind zonder. Waait het heel hard dan kun je de planken uit de wieken halen. Gaat het dan nog te hard, dan ga ik gauw naar huis. Maar dat gebeurt bijna nooit.’

Als de molen eenmaal draait, is Frank in principe klaar en leidt hij bezoekers rond. ‘Ik vind het heel belangrijk dat mensen uitleg krijgen over de molen en er enthousiast over worden. In Nederland hebben we een ernstig tekort aan molenaars en het zou doodzonde zijn als de molen verdwijnt. Het is Nederlands trots. Het ambacht molenaar staat ook op de immaterieel erfgoed-lijst van UNESCO. Dus als je molenaar bent, sta je op de UNESCO-lijst. Dus heb je een zaterdag niks te doen, kom dan eens langs. Misschien is het leuker dan je denkt’, begint Frank enthousiast te werven.

Draaien tegen de aftakeling

Vroeger werden molens gebruikt om meel te malen of hout te zagen. Nu moet de molenaar de molen vooral onderhouden. ‘Het is net als met een oude auto’, legt Frank uit. ‘Als je die opknapt, hem in de garage zet en hem daar twee jaar stil laat staan, dan doet hij het ook niet meer. Als je een molen restaureert en je draait er niet mee, dan is hij drie keer zo snel verrot. Je moet hem laten draaien zodat hij niet aftakelt.’

Net als veel andere molenaars doet Frank zijn werk vrijwillig. Doordeweeks volgt hij de lerarenopleiding aardrijkskunde. Iets wat hem bijna net zo goed af gaat als zijn opleiding tot molenaar. ‘Daar heb ik twee jaar over gedaan. Je moet honderdvijftig lesuren meegedraaid hebben op een molen. Zo krijg je praktijkervaring met het weer. Daarnaast krijg je twee dikke mappen vol theorie over de soorten molens die er in Nederland zijn. Je moet ook dertig uur gedraaid hebben op een vreemde molen. Dat alles moet je minimaal een jaar gedaan hebben, zodat je alle seizoenen hebt meegemaakt. Draaien in de winter is heel anders dan draaien in de zomer. In de zomer krimpt al het hout, dan vliegt er van alles rond waar je op moet letten. In de winter zit alles soms muurvast. Als je er klaar voor bent, mag je examen doen. Terwijl je voor een examinator een molen laat draaien, stelt hij je theorievragen.’ Met al die jaren ervaring vloog Frank in één keer door zijn examen heen. Of hij nou de jongste molenaar is? ‘Geen idee. Het maakt mij ook niet uit. Als ik maar kan draaien.’

Grote ogen

Hoe je het ook wendt of keert: Franks hobby is niet echt standaard. Wat zijn vrienden ervan vinden? ‘In het begin krijg je van die grote ogen. Van: “Ben jij wel goed?” Maar als ze een keer meegaan, vinden ze het toch wel heel erg leuk. Mijn vriendin vindt het ook prima. Ze wist van tevoren al dat ze de molen er gratis bij zou krijgen. En dat moet ook, want ik ga hiermee door tot ik niet meer kan.’

Anderen lazen ook: 7 typische toekomstdromen van kinderen.

Altijd op de hoogte blijven van nieuws dat voor jongeren interessant is? Volg ons via WhatsApp, Snapchat, Facebook of Instagram. Of neem een proefabonnement op de krant!

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren

Gerelateerde Berichten

Geen inhoud gevonden