Kun je straks gluren in de grafkelder van de Oranjes?

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Menno
Woudt

De Nieuwe Kerk in Delft is niet zomaar een kerk. Het is ook een begraafplaats! Nou ja, alleen voor de koninklijke familie. Al eeuwenlang worden zij na hun overlijden in de koninklijke grafkelder bijgezet. Als het aan D66-leider Alexander Pechtold ligt, kun je die geheimzinnige plek straks met een virtual-reality-bril bekijken. Maar wat kun je er eigenlijk zien?

Een koninklijke grafkelder: wat moet ik me daarbij voorstellen?

Wie de Nieuwe Kerk in Delft bezoekt, kan de grote grafsteen niet missen. Onder die tweeduizend kilo zware steen bevindt zich een trap: dat is de ingang van de koninklijke grafkelder. Of eigenlijk: grafkelders. In twee ruimtes zijn de overleden royals bijgezet. In sierlijke, loden kisten liggen de overleden Van Oranje-Naussaus bijeen.

Een schets van de de koninklijke grafkelder. Hoe-ie er écht uitziet, dat weten slechts weinig mensen.

Hoeveel koninklijke lijken liggen er in de grafkelder?

Dat zijn er 46. De eerste die in de grafkelder kwam te liggen was Willem van Oranje, nadat-ie in 1584 was vermoord. In 2004 is de voorlopig laatste kist in de kelder geplaatst. Dat was prins Bernhard, de man van koningin Juliana.

Prins Friso, de in 2013 overleden broer van koning Willem-Alexander, veroorzaakte een breuk in de traditie: hij is ergens anders begraven.  Waarom, dat heeft de koninklijke familie niet bekendgemaakt.

Waarom is de koninklijke grafkelder in Delft?

Dat is eigenlijk toeval. Vóór 1584 werden de meeste overleden royals naar een kerk in Breda gebracht. Maar toen Willem van Oranje stierf, was Breda in handen van de Spanjaarden. Er moest dus een andere stad worden gevonden. Dat werd Delft, waar Willem van Oranje ook was vermoord.

Mag dat wel, dode mensen in een kelder bewaren?

Eigenlijk niet. Maar voor de koninklijke familie is in de wet een uitzondering gemaakt. Die mogen ook gebalsemd worden: daardoor blijft het lichaam 'langer goed'. 

Wie kunnen de grafkelder allemaal bezoeken?

De grafkelder is een soort privé-gebied van de Oranje-Nassaus. Alleen de koninklijke familie mag erin, als ze dat willen. Én de burgemeester van Delft: die mag zichzelf 'sleutelbewaarder' noemen en inspecteert de kelder één keer per jaar. Gewoon, via een dienstingang aan de zijkant.

In de komedie Spion van Oranje (2009) bezoekt Paul de Leeuw de grafkelder. Je ziet: het is er erg vol...

Waarom is de koninklijke grafkelder niet open voor publiek?

Praktisch: de ruimte is best wel klein. Zo klein zelfs, dat het maar de vraag is hoeveel kisten er nog bij kunnen. Bovendien is het voor het Koninklijk Huis een belangrijke, emotionele plek: daar wil je geen dagjesmensen hebben rondlopen.

Om de grafkelder toch zichtbaar te maken voor nieuwsgierige Nederlanders, wil D66-leider Alexander Pechtold dat er een virtuele rondleiding komt, vertelde hij aan het AD. Met een vr-bril op zou je er dan rond kunnen lopen. Of Pechtolds plan werkelijkheid wordt is nog de vraag: de koninklijke familie moet het er wel mee eens zijn, dat iedereen straks naar hun overgrootouders kan gluren.

Altijd op de hoogte blijven van nieuws dat voor jongeren interessant is? Meld je aan voor onze gratis WhatsApp-dienst, download onze gratis app of neem een proefabonnement op de krant!

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren