Politiecel

'Minderjarigen horen niet in een politiecel'

DEEL DIT ARTIKEL Facebook
Marinde Hurenkamp
Marinde
Hurenkamp

Een nacht in de cel omdat je verdacht wordt van vernieling, zonder dat je ouders weten dat je opgesloten zit. Het overkwam Guus (16) en Abel (17). De twee jongens zijn de hoofdpersonen in Hoeveel nachtjes nog?, een rapport van de Kinderombudsman dat vandaag verscheen.

De Kinderombudsman controleert of de rechten van kinderen in Nederland worden nageleefd. Afgelopen jaren deed de organisatie onderzoek naar de situatie van minderjarigen in het strafrecht. Volgens de onderzoekers wordt er niet genoeg rekening gehouden met hun belangen.

Cel

Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer: 'Ik zie dat zestienjarigen voor een klein vergrijp een hele nacht in een cel worden opgesloten, zonder dat zij hun ouders of een advocaat kunnen spreken. Ze worden in de eerste plaats als verdachte gezien en behandeld. Dat het daarnaast ook kinderen zijn, wordt nog te vaak vergeten.' Ze roept de politie - en anderen die bezig zijn met strafrechtzaken - op om de positie van minderjarigen in het strafrecht te verbeteren.

Guus en Abel

Het rapport beschrijft wat er gebeurde met de zestienjarige Guus en zeventienjarige Abel (niet hun echte namen). De jongens worden in december 2015 's nachts aangehouden door de politie op verdenking van vernieling van een sleutelkastje. Die nacht worden ze opgesloten in een cellencomplex in Amsterdam Zuidoost, waar ook volwassenen zitten. Ze hebben geen contact met een advocaat en ook niet met hun ouders, die erg ongerust zijn. De volgende dag horen Abel en Guus dat hun straf behandeld zal worden via bureau HALT, een organisatie voor jeugdcriminaliteit.

Volgens de onderzoekers gaat daarna iets mis in de communicatie tussen HALT en de politie. Abel en Guus horen namelijk anderhalf jaar niets. Pas als de Kinderombudsman vraagt hoe het zit, worden de twee opgeroepen om naar de rechtbank te komen. Daar horen ze dat ze niet worden vervolgd.

Ingrijpend

Naar aanleiding van de zaak van Guus en Abel roept de Kinderombudsvrouw het ministerie van Justitie en Veiligheid op om altijd te zorgen voor een 'kindvriendelijke omgeving'. Kalverboer zegt daarover: 'Dat betekent dat er op politiebureaus en in cellencomplexen een ruimte speciaal voor kinderen is en dat ze goed geïnformeerd en behandeld worden.'

Vanuit het Kinderrechtenverdrag mogen minderjarigen alleen in het uiterste geval opgesloten worden. Kalverboer zegt daarover: 'Soms pakt de politie jongeren aan als een waarschuwing. Dan ga je voorbij aan het effect dat het heeft op een kind.'

Advocaat

Dat tieners 's nachts worden opgesloten en niet naar huis mogen, heeft deels te maken met hun recht op een piketadvocaat. Dat is een advocaat die ook 's nachts opgeroepen kan worden. Dat recht vervalt als ze naar huis gestuurd worden. 

Kalverboer vroeg het ministerie van Justitie en Veiligheid al eerder om ervoor te zorgen dat advocaten ook 's nachts beschikbaar zijn. Ook vroeg ze de Nationale Politie of het mogelijk is dat ouders 's nachts contact kunnen hebben met hun opgesloten kind. Ook zouden ze hun kind moeten kunnen bezoeken zonder glas ertussen. Met het nieuwe rapport vraagt ze hiervoor opnieuw aandacht.

In de krant (verschijningsdatum 26 april 2019) lees je een interview met Kinderbudsvrouw Margrite Kalverboer. 

Anderen lazen ook: Voor het eerst iets gestolen? Ook dan de cel in.

Altijd op de hoogte blijven van nieuws dat voor jongeren interessant is? Volg ons via WhatsApp, Snapchat, Facebook of Instagram. Of neem een proefabonnement op de krant!

DEEL DIT ARTIKEL Facebook

Reageren